Geplaatst op:

3 april, 2020


Categorie:

Algemeen

De bouw van Zuidasdok gaat door. De verkenning van minister van Staat Sybilla Dekker heeft bestuurders overtuigd, zo bleek op 26 maart 2020. In plaats van een versoberd plan houdt Dekker een warm pleidooi voor meer ambitie.

tekst: Zuidas gemeente Amsterdam

Voor minister van Staat Sybilla Dekker was haar verkenning naar nut en noodzaak van Zuidasdok een sprong in verleden, heden en toekomst. Als minister van Volkshuisvesting Ruimtelijke, Ordening en Milieu (2003-2006) legde ze samen met toenmalig wethouder Duco Stadig de eerste steen voor de eerste woningen in Zuidas. Voor haar verkenning maakte ze intensief kennis met Zuidas anno 2020. En de rapportage zelf gaat over de toekomst. ‘Kun je je voorstellen dat ik het een hele mooie uitdaging vond?’

Op de koffie
Nadat ze was gevraagd ging Dekker eerst wel even op de koffie bij de verschillende betrokken bestuurders. Ze wilde weten welke betekenis haar rapportage zou hebben voor de besluitvorming. ‘De bestuurders wilden een klip en klaar antwoord op de vraag wat het nut en de noodzaak zijn van Zuidasdok, ongeacht de bevindingen waarmee ik zou komen. Dat was voor mij een zeer begrijpelijke wens en tevens een prima vertrekpunt voor mijn verkenning.’

Fundamentele vragen
Er is meer dan twee decennia gesproken, gerekend en getekend aan Zuidasdok. Is het niet gek dat na zo’n lange tijd nut en noodzaak kennelijk nog niet duidelijk waren? Dekker vindt van niet. ‘Als zo’n groot project langer duurt, meer gaat kosten dan verwacht en als de samenwerking met het consortium dat het moest realiseren niet goed loopt – natuurlijk komen er dan fundamentele vragen op tafel. Je moet je realiseren dat de politieke lading dan enorm is. Ministers en wethouders dragen een grote verantwoordelijkheid om te kunnen uitleggen waarop de keuzes die ze maken zijn gebaseerd. Die onderbouwing is er nu en alle bestuurders hebben haar omarmd.’

Betekenis Zuidasdok
Nadrukkelijk onderdeel van de verkenning van Dekker was de mogelijkheden te onderzoeken naar een meer sobere uitvoering van Zuidasdok. Ze ging in gesprek met talloze betrokkenen – bedrijven, ontwikkelaars, bewoners – om te peilen welke ideeën er over Zuidasdok leefden. ‘Ik vond het opvallend dat tijdens die gesprekken iedereen telkens terugkwam op de betekenis van Zuidasdok: voor Zuidas, voor Amsterdam en voor de gehele regio. Het belang van een betere vervoersinfrastructuur, vergroting van de capaciteit, verdere verbetering van de bereikbaarheid, daar ging het telkens over. Wat me ook opviel was dat veel gesprekspartners zich gesterkt voelden door het succes van de Noord/Zuidlijn. Daar was tijdens de bouw natuurlijk enorm veel kritiek op, maar nu is iedereen er blij mee.’

Ambitie
In haar verkenning adviseert Dekker de realisatie van ‘ten minste het huidige plan’. Daar spreekt ambitie uit. ‘En zo bedoel ik het ook. Met name de plannen voor station Amsterdam Zuid. In de bestaande plannen gaat ook het vernieuwde station er heel sober uitzien, om het diplomatiek uit te drukken. We ontvangen straks alleen al 300 duizend treinreizigers per dag – werkers en studenten, Amsterdammers en mensen van verder weg. En nog meer internationale gasten wanneer Amsterdam Zuid de aanlandplaats van internationale treinen wordt. Bovendien wordt het station omringd door spectaculaire architectuur. Zuidas straalt ambitie uit. Daarbij hoort een openbaar vervoerterminal die dat ook doet. Kijk ook eens naar wat elders in de wereld wordt gerealiseerd in steden met centra als Zuidas. Dan mag het ambitieniveau voor Zuidasdok wel een tandje omhoog.’

Enorme reizigersaantallen
Dekkers ambitie vloeit overigens niet alleen voort uit de wens tot meer allure. ‘Er is ook ambitie nodig om goed in de behoefte van reizigers te kunnen voorzien. De reizigersaantallen zitten nu al op het niveau dat drie jaar geleden nog werd voorspeld voor 2025. We lopen dus jaren voor op de prognoses. Dat komt door de economische groei van de afgelopen jaren, die ook voor veel meer drukte in Zuidas heeft gezorgd. Alle bedrijven, bewoners, het Amsterdam UMC en natuurlijk de enorme aantallen studenten en medewerkers van de Vrije Universiteit dragen daar aan bij. Tegelijkertijd vormt de verbeterde bereikbaarheid, mede dankzij de Noord/Zuidlijn, voor een versterkend effect op zichzelf. Waar de verbindingen goed zijn, neemt de behoefte aan goede verbindingen verder toe. Dit proces zal de komende jaren doorzetten, dat moeten we ons goed realiseren. Ook beleggers kijken naar de bereikbaarheid op de lange termijn, is mij tijdens gesprekken met hen gebleken. Ze ontwikkelen graag in Zuidas, maar wel onder de voorwaarde dat de infrastructuur zich mee ontwikkelt. En ook dan geldt: toon ambitie, laat zien aan wat een fantastische vervoersinfrastructuur er wordt gewerkt aan de zuidkant van Amsterdam.’

Huzarenstukje
Het lastige aan Dekkers enthousiasmerende verkenning is dat het document enerzijds urgentie uitstraalt, maar anderzijds met de boodschap komt dat het allemaal langer gaat duren. ‘Dat is inderdaad heel lastig. Ik heb onderzocht welke versnellingsmogelijkheden er zijn, maar veel tijdwinst valt er niet te behalen. Dat betekent wel dat er tijdens de uitvoering heel veel aandacht moet zijn voor de leefbaarheid in en om Zuidas. Het dwingt de opdrachtgevers ook om Zuidasdok in de schijnwerpers te zetten: laat zien wat het perspectief is en laat zien dat bouwen aan Zuidasdok een huzarenstukje is. Dus ja, het duurt lang. Maar laten we optimisme uitstralen. Mijn verkenning staat nu als de stip aan de horizon, bestuurders hebben die omarmd. Dus nu aan de slag.’

Het hele rapport leest u hier.